Stop de teloorgang van ons unieke landschap

Stop de teloorgang van ons unieke landschap

541
0
DELEN
Foto Sijmen Hendriks

Geen land ter wereld is zo gevarieerd als het onze. Opzienbarend voor een van de kleinste landen ter wereld. Een land dat bovendien half zo klein was geweest als onze voorouders niet waren gaan inpolderen en landwinnen: ‘God schiep de wereld, maar de Hollanders maakten hun eigen land.’

Beekdalen, moerassen, veenweide, waterlinies, laagveen, duinen en wadden. Wie van Limburg naar Drenthe reist, maakt tegelijkertijd een reis door onze rijke landschappelijke geschiedenis. In die landschappen gebeurt van alles; met 17 miljoen gebruikers kan dat ook niet anders. Dat is op zichzelf geen probleem, landschap en economische ontwikkeling gaan al vele eeuwen hand in hand.

Toch staan we nu op het punt om ons karakteristieke landschap te verliezen. Het in te ruilen voor monotonie. De oppervlakte van natuur in ons land bedraagt nog maar 20 procent (bos, heide en water). Onze biodiversiteit krijgt in Europa het laagste cijfer; we doen het met 15 procent bijzonder slecht, alleen Malta scoort lager.

Van de populatie weidevogels uit de jaren zestig heeft slechts een kwart de snavel boven water weten te houden. De bodem en luchtkwaliteit van ons land zijn ondermaats, voornamelijk door de schaalvergroting in de landbouw die onverminderd doorgaat. Landschapselementen als houtwallen, hagen en solitaire bomen worden nog altijd verwijderd. Met als gevolg dat de landschappen waarin wij ons zo thuis voelen, hun uniciteit en waarde sluipenderwijs verliezen. Voorgoed.

Afgelopen jaar bleek dat dit onderwerp leeft. Meer dan honderdduizend Nederlanders steunden de actie ‘Bescherm de kust’. En tijdens streekconferenties in Camperduin, Kaatsheuvel, Katwijk, Neeltje Jans, Norg, Rotterdam en Vorden gingen meer dan duizend bezorgde mensen in gesprek over hun landschap.

Na deze bijeenkomsten zijn er allerlei initiatieven ondernomen en projecten opgestart. Vele daarvan zijn nog pril. Toch ben ik nu al onder de indruk van alle energie die mensen belangeloos besteden aan de omgeving in hun buurt. En deze raadplegingen hebben me ook iets heel helder gemaakt. Mensen zijn bezorgd over de toekomst van hun landschap. Over de verrommeling.

Als grootste natuurbeschermingsorganisatie van Nederland nemen we deze zorgen serieus en willen daar gehoor aan geven. En dat is best spannend. Want hoewel Natuurmonumenten meer dan honderd jaar geleden is opgericht als hoeder van natuur én landschap, hebben we ons de laatste decennia vooral gefocust op onze ‘eigen’ natuurgebieden. Voortaan spreken we ons ook nadrukkelijk uit over de natuurwaarden buiten onze gebieden, omdat de natuur in deze gebieden een gezond omringend landschap nodig heeft. Wegkijken is niet langer een optie.

Ik ben ervan overtuigd dat een brede maatschappelijke beweging de teloorgang van het Nederlandse landschap kan stoppen. De zorg voor het landschap kan niet rusten op de schouders van enkelen. Het is een zaak van burgers, bedrijven, organisaties en overheden tezamen.

Gelukkig groeit het aantal mensen dat zich actief inzet voor het landschap. Er worden veel verschillende goede initiatieven ontplooid. Een prachtig voorbeeld van de participatiesamenleving, waar de samenleving – en dus ook de overheid – trots op kan zijn.

Een participatiesamenleving kan alleen niet zonder diezelfde overheid die haar verantwoordelijkheid neemt. Tijdens onze streekconferenties wordt telkens pijnlijk duidelijk dat burgers van alles willen doen, maar hun waardevolle landschap niet kunnen redden zonder hulp van de overheid. Die beslist bijvoorbeeld waar wel en niet gebouwd mag worden. Daarom roept onze achterban de overheid op om meer visie te tonen, regie te nemen en daarmee onze landschappen te beschermen.

Dit is ook de kern van het ‘Aanvalsplan voor het Nederlandse landschap’, dat ik vandaag aan staatssecretaris Van Dam mag aanbieden. Na jarenlang verdedigen is het hoogst nodig om de aanval in te zetten. Laten we dat doen zoals we dat eeuwen geleden ook deden in onze strijd tegen het water. En zoals we dat twee decennia terug deden toen we met elkaar in de bres sprongen voor het verbinden en vergroten van natuurgebieden. Laten we dat nu doen voor het Nederlandse landschap, voordat we de mooie vergezichten die ons land zo speciaal maken voor altijd verliezen.

Door Marc van den Tweel, Algemeen directeur Natuurmonumenten

 

Bron: de Volkskrant

DELEN

LAAT EEN REACTIE ACHTER