2017 slecht jaar voor weidevogels Krimpenerwaard

2017 slecht jaar voor weidevogels Krimpenerwaard

36
0
DELEN

De weidevogels in de Krimpenerwaard hebben een slecht broedjaar achter de rug. Door kou, voedselgebrek en predatie sneuvelden veel kuikens. Dat blijkt uit het verslag van de Natuur- en Vogelwerkgroep Krimpenerwaard (NVWK).

Weidewachters kwamen donderdag bijeen in De Zwaan in Berkenwoude om de resultaten met elkaar te bespreken. Die vallen volgens coördinator Klaas de Mik toch wat tegen. “Het is een stuk minder dan in de jaren 2015 en 2016. In die jaren hadden we hoge temperaturen in april. Dit voorjaar was het half maart erg warm en begonnen de vogels met broeden. Half april daalde de temperatuur sterk waardoor veel kuikens het waarschijnlijk niet hebben gered.”

Zuiden
Weidewachters vonden ook minder nesten. Zo nam het aantal kievitsnesten af van 410 in 2016 tot 313 dit jaar. Bij de grutto was eveneens een daling zichtbaar. Werden er in 2016 nog 125 nesten gevonden, dit voorjaar bleef de teller op 100 steken. Iets waar De Mik zich zorgen over maakt. “Een soort als de kievit maakt een tweede legsel als het eerste niet is gelukt. De grutto doet dat niet. Die heeft daar geen tijd voor omdat ‘ie al snel weer naar het zuiden vertrekt.”

De predatiedruk is een toenemend probleem. Boeren en weidewachters zagen dit voorjaar meer roofvogels als buizerd en bruine kiekendief in broedgebieden van weidevogels. Toch is De Mik voorzichtig met het trekken van conclusies. “Het gaat om indrukken van mensen in het veld, onderzoek is er niet gedaan.” Mozaïekbeheer, waarbij percelen niet in hun geheel worden gemaaid maar in fasen, zou kunnen helpen om de predatiedruk naar beneden te krijgen. “Kuikens hebben dat meer mogelijkheden om zich te verschuilen.”

Drone
Ook de inzet van een drone – om nesten op te sporen – kan helpen. “Nu lopen weidewachters percelen af op zoek naar nesten. Kraaien kijken mee en roven een nestje leeg als ze de kans krijgen. ’s Nachts gaan zoogdieren als de bunzing op pad. Die volgen het spoor van de weidewachter. Een drone laat geen sporen achter.” Toch is de inzet van een drone voorlopig toekomstmuziek. De Mik: “Een drone met infraroodcamera en bijbehorende software kost 25.000 euro. Dat kunnen we als NVWK niet betalen. Daarom hebben we een subsidie aangevraagd bij de provincie Zuid-Holland.”

Er zijn volgens De Mik ook zeker lichtpuntjes als het gaat om de bescherming van weidevogels in de Krimpenerwaard. Zo is er onder het nieuwe stelsel voor agrarisch natuur- en landschapsbeheer (ANLb) een beter zicht op wat mogelijk is bij deelnemende agrariërs. “Zelfs tijdens het broedseizoen kunnen we het beheer aanpassen, natuurlijk met het doel om kuikens groot te laten worden. Dat is een positieve ontwikkeling.”

Hoewel de teruggang van het aantal weidevogels maar niet lijkt te stoppen, ziet De Mik zeker nog toekomst voor weidevogels in de Krimpenerwaard. “Het is geen hopeloze zaak. Slechte broedjaren zitten er nou eenmaal tussen. Ik ben al blij dat, mede door de inzet van weidewachters en boeren, het aantal nesten de laatste tien jaar redelijk stabiel is gebleven.”

Bron: Het Kontakt

DELEN

LAAT EEN REACTIE ACHTER